Magazine Mozart in Nederland
  1. Magazine
  2. Mozart in Nederland
  • Jurgen van den Hout
  • 24 Jul 2018
  • Leestijd: 6 minuten

Mozart in Nederland

Werken van de jonge Mozart hoor je niet zo vaak. Ze missen de diepgang van zijn latere werken wordt dan gezegd. Maar er is geen beter recept om de dag mee te beginnen dan met een paar jeugdige variaties van Mozart.

Enkele van die vroege werken heeft Mozart geschreven tijdens zijn verblijf in Nederland. Van september 1765 tot en met april 1766 zijn de Mozarts in Nederland. Een verblijf dat steeds verlengd werd door ziekte en zich aandoende gelegenheden om voor hooggeplaatste lieden te kunnen spelen.

"Laat ons juichen, Batavieren!" Zo opent het lied dat de hofcomponist Christiaan Ernst Graaf schrijft bij de inhuldiging van Willem V tot stadhouder in het voorjaar van 1766. En de familie Mozart was erbij. De straten van Den Haag zijn versierd met lampions en oranje kaarsen. "Wat een adembenemend vuurwerk" schrijft vader Leopold over de Oranjefeesten in zijn notitieboek. Leopold is eigenlijk met zijn familie op de terugweg naar Salzburg, maar een dergelijk groot feest is reden voor hem om zijn verblijf in Nederland met enkele maanden te verlengen.

Het is 1766 en vader Leopold Mozart is met zijn familie al ruim twee jaar onderweg om het wonderkind Wolfgang te laten horen aan de hoven van Versailles en Londen. Nu zijn ze neergestreken in Nederland op aandringen van de hoogzwangere Prinses Caroline van Nassau-Weilburg. Hieraan hebben we onder andere de variaties van Mozart te danken op bovengenoemd lied van Christiaan Ernst Graaf.

Wonderkind

De reis is in gang gezet omdat vader Leopold ervan overtuigd is dat de wereld het ‘Wonder dat God in Salzburg geboren liet worden’ moet horen. Hij behoudt een deel van zijn salaris als muzikant aan het hof van Salzburg, maar de reis zal een veelvoud van zijn jaarsalaris kosten. Nog voor dat de Mozarts in Versailles zijn, de eerste grote stop in de reis, zijn er al voor ruim drie jaarsalarissen aan onkosten gemaakt. Om het huishoudboekje kloppend te houden, werden daarom, naast de concerten aan de hoven ook openbare concerten georganiseerd door Leopold. Zo lezen we bijvoorbeeld in een aankondiging voor een concert in Amsterdam over de acht jaar oude Wolfgang: "Alle symfonieën die worden uitgevoerd zijn geschreven door deze kleine componist", en "Liefhebbers kunnen hem muziek voor de neus leggen, die hij van blad zal spelen".

Het muzikale genie van zijn zoon was voor Leopold - en voor ons - duidelijk. Maar tijdgenoten waren niet zo snel overtuigd. Het levert Leopold dan ook grote irritaties op dat hij voortdurend op scepsis stuit als hij het over de muzikale genialiteit van zijn zoon heeft. De Mozarts waren dan ook niet de enige rondreizende artiesten in die tijd die met veel bombarie de meest grootse en onvoorstelbare kunsten tentoonspreidden. Als men Mozart dan al met eigen ogen en oren hadden meegemaakt, dacht een deel van de toeschouwers alsnog dat ze knap voor de gek gehouden waren. In een vroege biografie van Wolfgang waaraan zijn zus Nannerl heeft meegewerkt lezen we dat de jonge Mozart vaak op de proef werd gesteld tijdens zijn bezoeken. Voorbeelden daarvan zijn het spelen met een doek over de toetsen, het ter plekke improviseren op een thema dat hem aangereikt werd en het moduleren naar verschillende toonsoorten tijdens het spelen.

Onbeschaafd

Vier maanden voor aankomst in Nederland schrijft de vader van Mozart in een brief: "...maar laat ik u één ding verzekeren: we gaan niet naar Holland. .... die Hollanders, het gewone volk maar ook de rest, zijn onbeschaafd." Deze brief stuurt hij naar zijn vriend, huisbaas en persoonlijk bankier Lorenz Hagenauer. Uiteindelijk zullen de Mozarts ruim zeven maanden in Nederland verblijven.  Heel erg hoeven we de mening van Leopold Mozart over de Hollanders ons niet aan te trekken. Als ze kort daarop naar Wenen reizen is hij ook ontsteld over het Weense publiek, die zouden alleen maar van ‘zotte dingen’ houden. Er is nauwelijks plaats voor enige inhoudelijke diepte.

Het zijn financiële overwegingen die Leopold uiteindelijk overtuigen om vanuit Engeland toch Nederland te bezoeken. Prinses Caroline van Nassau-Weilburg heeft de verhalen over het wonderkind inmiddels gehoord en heeft een lobby ingezet om de Mozarts naar Den Haag te krijgen. Als ze uiteindelijk in Den Haag aangekomen zijn, schrijft Leopold weer een brief aan Hagenauer met de reden voor de tussenstop in Holland: "… u dacht en hoopte natuurlijk dat we juist niet verder weg, maar dichter bij huis zouden zijn. Dat was ook het geval geweest, als niet Wolfgang en daarna ikzelf in Rijsel ziek waren geworden". Hij gaat nog een heel eind door met de ontwikkelingen beschrijven tussen de twee brieven. Hoe hij echt niet gedacht had nog in Holland terecht te komen: hij had zelfs zijn winterjassen al naar Parijs vooruit gestuurd. In Canterbury moesten ze echt nog langer blijven om het paardenrennen mee te maken. "Kortom, hij [de Hollandse ambassadeur in Engeland] en alle anderen oefenden zo'n druk op me uit en het voorstel was bovendien zo aanlokkelijk, dat ik me maar niet meer bedacht. Temeer omdat je, zoals u heel goed weet, niets kunt weigeren aan een vrouw die een kindje verwacht". Steeds stelt Leopold de terugkeer naar Salzburg uit en het klinkt een beetje als ‘mijn wekker was stuk en de brug stond open, mijn band was lek, dus ik moest gaan lopen’.

 

 

Oranjefeesten

Dat de Mozarts ruim zeven maanden in Nederland verblijven komt door een aaneenschakeling van gebeurtenissen waardoor de terugreis steeds weer uitgesteld wordt. Eerst is het dochter Nannerl die ziek wordt. Zo ziek zelfs dat ook de dokter de hoop had opgegeven. Als Nannerl net wat aan het herstellen is, wordt Wolfgang ziek. Als Mozart weer aan de beterende hand is komt de inhuldiging van Willem V tot stadhouder al erg dichtbij en Leopold besluit om de doorreis nogmaals uit te stellen om daarbij aanwezig te kunnen zijn. Aan deze Oranjefeesten danken we de variaties die Wolfgang schreef op het lied "Laat ons juichen, Batavieren", en de variaties op het in die tijd zeer bekende ‘Willem van Nassau’. Het is niet ons huidige volkslied maar zeer bekend in Nederland in die tijd. Volgens vader Leopold wordt de melodie ervan overal in Nederland gezongen danwel gefloten. Deze inhuldiging ziet Leopold als een kans om zijn zoon weer in de etalage te zetten. Op dergelijke grote feesten komen veel hoogwaardigheidsbekleders af die zo allemaal de jonge Wolfgang kunnen horen spelen. Van de reis houdt Leopold uitgebreid bij wie ze allemaal ontmoeten. Hij bouwt aan een groot netwerk om zijn zoon uiteindelijk de juiste baan te kunnen bezorgen. Dat zal echter nooit lukken. Wolfgang gaat de boeken in als eerste zzp-er onder de componisten. Het blijft verbazingwekkend dat al die reizen er nooit voor gezorgd hebben dat Mozart een noemenswaardige aanstelling aan een hof heeft gekregen. Was er teveel jaloezie bij de muzikale functionarissen aan de hoven? Was het karakter van Mozart niet verenigbaar met het leven aan een hof?

Haagse symfonie

Elf composities zijn er in het oeuvre van Wolfgang die in Nederland geschreven zijn. Allemaal in Den Haag, behalve de variaties op Willem van Nassau. Naast de variaties hebben we aan zijn verblijf symfonie nummer 5 (de Haagse symfonie) te danken, een aria, vioolsonates en het quodlibet Galimathias musicum. De laatste 'muzikale wartaal' bevat werken op basis van bekende melodieën waar onder andere ook de melodie van het lied Willem van Nassau weer in voorkomt. Stuk voor stuk zijn ze geschreven voor het Nederlandse hof. Danwel voor de feestelijkheden rond de inhuldiging, danwel voor Prinses Caroline.

Na de festiviteiten rondom de inhuldiging van Willem V kan Leopold de aanvang van de terugreis naar zijn huis en werk in Salzburg niet heel veel langer uitstellen en gaan ze via Utrecht het land uit. Niet rechtstreeks naar huis, want Leopold heeft nog wel wat op zijn agenda staan. Deze terugreis is dan nog een hele onderneming van een half jaar via onder andere Parijs, Lyon, Zürich en München.

Dit artikel werd eerder gepubliceerd in het Vrienden Bulletin 2, seizoen 2016-2017. Word ook Vriend van de opera.