HET VERHAAL: cARUSO A cUBA

Bruno Zirato, de manager van de wereldberoemde
tenor Enrico Caruso, belt met
de operadirecteur Adolfo Bracale: voor
10.000 dollar per avond komt Caruso in
Havana optreden. Tegelijkertijd leest de
Lukumi-priester Calazán de hand van zijn
petekind Aida. Hij voorspelt dat Caruso
spoedig zal sterven, maar dat dat voorkomen
moet worden omdat Caruso's taak op
aarde nog niet volbracht is. Bij aankomst
op Cuba vertelt Caruso aan Bracale dat de
maffia hem dreigbrieven stuurt. Zijn angst
blijkt terecht: tijdens de operavoorstelling
ontploft er een bom. In de chaos stuit Aida
– in gezelschap van een lokale kokkin – op

Caruso, beseft meteen dat hij haar grote
liefde is en neemt hem naar het huis van
haar moeder. Caruso brengt Zirato op de
hoogte van zijn onderduikadres.
Caruso voelt zich beroerd, dus wenden
ze zich tot Calazán, die allereerst zegt dat
Caruso een ritueel moet ondergaan om
de goden weer gunstig te stemmen, en
ten tweede dat hij niet in Havana, maar
in Napoli zal sterven. Tijdens hun liefdesnacht
spreekt Caruso uit dat hij voelt
dat zijn einde gekomen is, waarop Aida
antwoordt dat ze een kind wil, een kind
dat niet op hen lijkt, omdat hen alleen
maar ongeluk overkomt. Calazán bereidt
intussen met een als olifanten uitgedost
groepje – verwijzend naar de Afrikaanse
oorsprong van het ritueel – het bewuste
ritueel voor: een onderdompeling in de
lagune. Onder water krijgt Caruso een
visioen van zijn jeugd in Napoli en
realiseert hij zich hoe eenzaam hij is
als beroemdheid.

Na het ritueel houden de bedreigingen
echter aan, en Caruso wordt bijna gek van
angst en achterdocht. Aida's moeder – in
de gedaante van een heilige – maakt duidelijk
dat het onverstandig is dat Caruso en
Aida zich tegen de goden verzetten. Aida
roept daarop de hulp in van Tata, een vriend
die hen kan helpen vluchten. Terwijl Bracale
en de kokkin de gebeurtenissen proberen
te verwerken, worden Caruso en Aida overvallen.
Caruso wordt in elkaar geslagen
en Aida wordt naar een afgelegen plek
gevoerd. Na een angstige nacht bevrijdt
Tata haar en brengt haar terug naar de
getraumatiseerde Caruso, die door Zirato
wordt opgehaald om hem op de boot naar
New York te zetten. Aida kan onmogelijk
mee, en verscheurd door verdriet, onthult
ze dat ze in verwachting is. Aida's moeder
zegt dat dit alles reeds was voorspeld.

Totaal kapot vertrekt Caruso uit Havana.
Als de achtergebleven Aida heel in de
verte Caruso's stem hoort, als ware het
een geest, zegt haar moeder: als een mens
sterft en hij nog een zaak open heeft staan,
dan vliegt zijn ziel naar die bestemming.