De Nationale Opera presenteert

Dido and Aeneas Henry Purcell (1659-1695)

Deze productie was te zien in september 2009

Dido and Aeneas

Henry Purcell
Opera in three Acts 
Libretto van Nahum Tate
Wereldpremière 1689, Josias Priests kostschool, Chelsea

 

Deze productie

Nieuwe productie voor De Nederlandse Opera
Première 29 september 2009
Originele productie Wiener Festwochen 2006, in samenwerking met het Théâtre National de l'Opéra Comique, Parijs

Over de opera

Terwijl dit werk van Henry Purcell de aanzet tot een Engelse operatraditie had kunnen geven, bleef het enig in zijn soort, tot Benjamin Britten ruim twee eeuwen later de fakkel overnam. De opera werd oorspronkelijk voor een meisjesschool geschreven, die voor de rol van Aeneas een zanger van elders moest betrekken. Aeneas’ geliefde is de koningin van Carthago, wier tragische lot op geserreerde maar ontroerende wijze vorm wordt gegeven, waarbij het onheil veeleer door boosaardige heksen dan door de goden wordt bewerkstelligd. Hoewel Purcell zich onmiskenbaar door Italiaanse voorbeelden heeft laten inspireren, is zijn muziek harmonisch gezien beduidend complexer. In de symmetrische opbouw van dit werk hebben de contrastrijke koorscènes een markante rol. Uiteindelijk laat Purcell zijn Dido geen rituele offerdood sterven maar in het afsluitende lamento toont hij ons een vrouw die vol menselijke grootsheid haar lot tegemoet treedt.

Het verhaal

I
Dido, de koningin van Carthago, wordt door haar vertrouwelinge Belinda aangemoedigd toe te geven aan haar gevoelens voor de schipbreukeling Aeneas, een prins die gevlucht is uit het verwoeste Troje. Aeneas maakt Dido met succes het hof.

II
Heksen zweren samen om Dido's dood teweeg te brengen. Een onweersbui zal het koninklijke jachtgezelschap uit elkaar sturen, waarna een van de heksen, in de gedaante van Mercurius, Aeneas zal opdragen weg te varen. Aldus geschiedt. Na de jacht vertelt een volgelinge van Dido het verhaal van Actaeon, de jager die door zijn eigen honden werd verscheurd. Aeneas toont de kop van een everzwijn dat hij gedood heeft. Daarop barst het onweer los en Aeneas blijft alleen achter. De valse Mercurius komt met het bevel dat hij nog diezelfde nacht naar Latium moet vertrekken om daar een nieuw rijk te stichten. Aeneas stemt toe maar weet niet hoe hij dit aan Dido moet vertellen.

III
Aeneas' zeelieden bereiden het vertrek voor, nog voordat Dido op de hoogte is gebracht. De heksen vieren het welslagen van hun plan; Aeneas willen zij op zee laten omkomen door een storm. Dido reageert vol bitterheid op de mededeling van Aeneas. Als hij daarop zegt toch bij haar te willen blijven, jaagt zij hem woedend weg. Haar rest slechts de dood.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
William Christie /
Jonathan Cohen
Regie 
Deborah Warner
Decor en kostuums 
Chloe Obolensky
Licht 
Jean Kalman
Movement director 
Joyce Henderson
Choreografie kinderen 
Rosita Steinhauser
Orkest en koor 
Les Arts Florissants
Instudering koor 
François Bazole
Dido 
Malena Ernman
Aeneas 
Luca Pisaroni
Belinda 
Judith van Wanroij
Second Woman 
Lina Markeby
Sorceress 
Hilary Summers
First Witch 
Céline Ricci
Second Witch 
Ana Quintans /
Hanna Bayodi-Hirt
Spirit 
Marc Mauillon
Sailor 
Ben Davies
    do 23 jan Erik Voermans, Het Parool

    ‘Alle eventueel bestaande angsten waren gisteravond in de Stadsschouwburg snel verdwenen bij de topopvoering van Dido door Les Arts Florissants onder leiding van William Christie en geregisseerd door Deborah Warner, een coproductie van De Nederlandse Opera en de Opéra Comique in Parijs. Dido and Aeneas is uiterst modern in zijn razendsnelle montage. […] Regisseur Warner scherpt die extreme overgangen nog verder aan, door de rollen van de heksen, die vol overgave bewust heel lelijk zingen (mezzosopraan Hilary Summers!), in het karikaturale te trekken. Grappig is ook de toevoeging van 25 kleine schoolmeisjes, die gillend weghollen als Hilary Summers, met vuurrode pruik, opkomt. De letterlijk dodelijke ernst van Dido, de koningin van Carthago, raakt de toehoorder na al die frivoliteit als een mokerslag, en nog harder dan anders. Sterk is ook het koor, dat niet alleen allerprachtigst zingt, maar ook op de vierkante millimeter meeleeft met de gebeurtenissen op het toneel. Ontzet kijken de koorleden toe als Dido na de scène waarin ze Aeneas versmaadt, een flesje gif drinkt en ter aarde zinkt. Je komt ogen te kort, zo veel is er te zien. De sterren van de voorstelling zijn de Nederlandse sopraan Judith van Wanroij als een werkelijk fantastische Belinda […] en de Zweedse mezzosopraan Malena Ernman als Dido. Ernman […] heeft een schitterende, Lorraine Hunt-achtige stem en een ongelooflijk expressief gezicht, waarmee ze van maat tot maat, van noot tot noot uitdrukking geeft aan haar gevoelens. Haar doodszang When I am laid in earth is hartverscheurend, diep, diep ontroerend. De sterfscène oogt als een pietà – dat kon er ook nog wel bij. Goddank bleef het na de slotnoten nog even donker in het theater.’

    do 23 jan Kasper Jansen, NRC Handelsblad

    ‘Deborah Warner doet bij De Nederlandse Opera geen zichtbare moeite om de psyche van Dido bloot te leggen. Aeneas (een geanimeerde rol van Luca Pisaroni) is hier een stoere zeeman, met wie de goedlachse Dido graag flikflooit. […] De speelse Dido and Aeneas van De Nederlandse Opera heeft een zeldzame visuele uitbundigheid. Er is een boventallige figuratie en circusachtig spektakel met zwevende geesten. De tovenares doet vuur uit het podium opvlammen en steekt een sigaret op: het boosaardigste dat men nu kan doen. Muzikaal en vocaal is alles ouderwets goed met het authentieke Les Arts Florissants o.l.v. William Christie en de grote stemmen van Luca Pisaroni (Aeneas) en Malena Ernman (Dido). In de ontroerende slotscène is er veel gesnik en gesnotter, een naturalisme dat hier heel lang niet werd gezien.’

    do 23 jan Frieder Reininghaus, Deutschlandfunk

    ‘Eine […] Produktion der Wiener Festwochen von Deborah Warner wurde für De Nederlandse Opera wiederaufbereitet: ein sehr harmonisches und ansehnliches Produkt, das die Geschichte aus dem antiken Karthago in das Aristokraten-Milieu eines britisch getönten 19. Jahrhundert rückte und in eine verehrungsvolle Harry-Potter-Pflege einbrachte. Die Tanzeinlagen wurden vom munteren Treiben einer in englische Schuluniformen gesteckten Klasse ersetzt und die Titelpartie, die der dunkeläugigen und schwarzhaarigen Königin aus dem vorderen Orient, mit der starkblonden und skandinavisch anmutenden Malena Ernman besetzt – stimmlich übrigens sehr gut besetzt. William Christie brachte seine auf historische Sing- und Spielweise ausgerichtete Spezialtruppe Les Arts Florissants auch nach Amsterdam mit und sorgte für einhelligen begeisterten Zuspruch der Premiere.’