De Nationale Opera presenteert

Le nozze di Figaro Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)

Deze productie was te zien in januari 2010

Le nozze di Figaro

Wolfgang Amadeus Mozart
Opera buffa in quattro atti, KV 492 
Libretto van Lorenzo da Ponte
Wereldpremière 1 mei 1786, National-Hoftheater, Wenen

 

Deze productie

Reprise uit 2006/07
Première 15 januari 2010

Over de opera

Le nozze di Figaro is zowel een intrigestuk als een sociaal tableau (en beide hangen natuurlijk samen). De opera is gebaseerd op het door Da Ponte ingekorte, vertaalde en in verzen gebrachte toneelstuk van Beaumarchais. Alle figuren zijn ingesponnen in een netwerk van afhankelijkheden en verplichtingen, dat hen van elke spontane bewegingsvrijheid berooft. Mensen die elkaar het ene moment bevochten, vallen elkaar een ogenblik later in de armen. Hun maatschappelijke overlevingskansen zijn afhankelijk van hun vermogen tot strategisch opereren. Naar aanleiding van de geplande bruiloft van de kamerdienaar Figaro en het kamermeisje Susanna worden de afgronden onder het gladde oppervlak van de maatschappelijke conventie zichtbaar. En dit alles op een zinderende en erotische muziek, die onmiskenbaar de geest der Verlichting ademt.

Het verhaal

I
Graaf Almaviva wil een avontuurtje met het kamermeisje Susanna. Daarom gaf hij de kamerdienaar Figaro, met wie zij gaat trouwen, een kamer naast de zijne. Ooit heeft Figaro een trouwbelofte gedaan aan Marcellina, die hem daar nu aan komt houden, gesteund door haar vriend Bartolo. Dit is gunstig voor Almaviva, die Figaro's huwelijk op de lange baan probeert te schuiven. Hoewel zelf ontrouw, is de graaf jaloers als de page Cherubino dweept met de gravin. Figaro wil de gravin, die lijdt onder het gedrag van haar man, helpen door een intrige waarin Cherubino zal meespelen.

II
Via een anonieme brief wordt Almaviva geïnformeerd over een zogenaamd rendez-vous van de gravin. Intussen wordt voor hemzelf een val opgezet: Susanna zal toestemmen in een afspraakje, maar in haar plaats zal de als vrouw verklede Cherubino daarheen gaan. Vervolgens zal de gravin haar man betrappen. 

III
Door een moedervlek beseft Marcellina plotseling dat Figaro haar verdwenen zoon Raffaello is; Bartolo erkent de vader te zijn. Niets staat de bruiloft van Figaro en Susanna meer in de weg. Tijdens de ceremonie krijgt de graaf een briefje toegespeeld, waarin Susanna hem een tête-á-tête belooft.

IV
De gravin en Susanna wisselen van kleren: in plaats van Cherubino – die het erg druk heeft met Barbarina, de dochter van de tuinman – zal de gravin zelf verkleed als Susanna de graaf opwachten. Figaro wordt nu jaloers en gaat naar de plaats van het rendez-vous. Hij benadert de 'gravin' maar herkent Susanna aan haar stem. Tijdens een door Figaro en Susanna gespeelde liefdesscène meent de graaf zijn echtgenote te betrappen en hij roept allen op als getuigen. Als de echte gravin verschijnt, moet Almaviva haar wel om vergiffenis vragen.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Constantinos Carydis
Regie en dramaturgie 
Jossi Wieler
Sergio Morabito
Instudering regie 
Rogier Hardeman
Decor 
Barbara Ehnes
Kostuums 
Anja Rabes
Licht 
David Finn
Video 
Chris Kondek
Orkest 
Nederlands Kamerorkest
Koor 
Koor van De Nederlandse Opera
Instudering koor 
Martin Wright
Il Conte di Almaviva 
Garry Magee
La Contessa di Almaviva 
Michaela Kaune
Susanna 
Marie Arnet
Figaro 
Luca Pisaroni
Cherubino 
Marina Comparato
Marcellina 
Charlotte Margiono
Bartolo 
Mario Luperi
Basilio 
Marcel Reijans
Don Curzio 
Colin Judson
Barbarina 
Channa Malkin /
Floor van der Sluis
Antonio 
Roberto Accurso
Due donne 
Melanie Greve
Fang Fang Kong

Nederlands Kamerorkest

Het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest behoort als vaste orkestpartner van De Nationale Opera tot de beste Europese operaorkesten. Marc Albrecht is sinds 2011 chef-dirigent van het NedPhO|NKO en van De Nationale Opera.

Het NedPhO|NKO presenteert zich nationaal en internationaal ook in een gevarieerde concertprogrammering. Thuiszaal is Het Koninklijk Concertgebouw. Het orkest verbindt artistieke excellentie met gastvrijheid voor een breed publiek en neemt verantwoordelijkheid voor de toekomst met omvangrijke programma’s voor educatie en talentontwikkeling. Klassieke muziek wordt zo bereikbaar voor iedereen.

 

MET STEUN VAN:

    do 23 jan Mischa Spel, NRC Handelsblad

    ‘Goede Tijden, Slechte Tijden met muziek van Mozart; zo oogde in 2006 de nieuwe enscenering door het duo Jossi Wieler/Sergio Morabito van Le nozze di Figaro. Van hun drie gedurfde, fel omstreden Mozart-ensceneringen was dit toen de sprankelendste – met de handelingen van graaf Almaviva en zijn onderdanen treffend verplaatst naar een fifties-autosalon (nieuwe adel, oude machtsmisstanden) – sigaretten, pastels en fineer incluis. Op de site van de Nederlandse Opera (dno.nl) is die soap-benadering zelfs interactief doorgevoerd: klik een personage aan en ontdek wie wie is, en wie wat met wie in zijn schild voert! […] Nu is de synthesizer in de recitatieven (idee van Metzmacher) dus vervangen door fortepiano en dirigeert de jonge Griek Constantinos Carydis: fel, blootshands, uit het hoofd en vol ferme contrasten. Zeker in de eerste akte leidde dat tot wat onnatuurlijke extremen in tempo en dynamiek in de aria’s. […] Anderzijds, in de fandango (akte 3) en een breekbare aria als Dove sono, stevig en roerend gezongen door Michaela Kaune, liet Carydis de muziek wel natuurlijk, ademend stromen. Marie Arnet is een stralend zingende Susanna: fris meisjesachtig, minder wulps en snaaks dan Danielle de Niese in 2006. Gebleven zijn, gelukkig, onder meer de nog zelden opera zingende Charlotte Margiono als Marcellina; vocaal nog op topniveau, maar ook kloekig, met niet te evenaren roddelglijertjes in haar stem. Luca Pisaroni is een Figaro aan wie theatraal noch muzikaal te verbeteren valt; imponeren in de aria’s, klaterend echt-Italiaans in de recitatieven.’

    do 23 jan Erik Voermans, Het Parool

    ‘In de bak andermaal het Nederlands Kamerorkest, nu onder leiding van de jonge Griek Constantinos Carydis, die twee jaar geleden bij DNO veel indruk maakte met een sprankelende Die Entführung aus dem Serail. Ook de samenstelling van de vocale solisten was deels herzien. Gebleven waren onder anderen de geweldige bariton Luca Pisaroni als Figaro, Charlotte Margiono als Marcellina (opnieuw sterk acterend), Mario Luperi als Bartolo en Channa Malkin als Barbarina (in de gaten houden, ze gaat steeds mooier zingen). Nieuw waren Michaela Kaune als de gravin (haar prijsaria Dove sono viel iets tegen), Marina Comparato als Cherubino en als Susanna de mooie lichte Zweedse sopraan Marie Arnet, die de ondankbare taak had publiekslieveling Danielle de Niese te doen vergeten. Regisseurs Wieler en Morabito waren speciaal naar Amsterdam gekomen om de puntjes op de i te zetten. Ze werden niet uitgejouwd, maar het matte applaus dat opklonk, kon nou ook weer niet onmiddellijk als een warme liefdesverklaring van het publiek worden opgevat. Wieler en Morabito plaatsten hun Le nozze di Figaro in een autoshowroom, wat een paar geweldig wringende momenten oplevert […] Daar staan te weinig momenten tegenover waarop deze mise-en-scène een meerwaarde krijgt. Er dreigt naarmate het einde in zicht komt, zelfs een zekere langdradigheid, als losse aria’s van Bartolo en Basilio (mooie kleine rol van Marcel Reijans), hoe mooi ze ook zijn, buiten het concept lijken te vallen. Waar zijn de coupures als je ze nodig hebt? En zo wordt, heel gek, één van de mooiste en leukste opera’s van Mozart een deksels lange zit.’

    do 23 jan Frits van der Waa, De Volkskrant

    'De inventiviteit waarmee Wieler en Morabito de gevolgen van hun verplaatsing in tijd en ruimte uitwerken is bewonderenswaardig, maar nogal kil. […] De voorstelling is er ten opzichte van drie jaar terug in muzikaal opzicht op vooruitgegaan. De plaats van Ingo Metzmacher, die Mozarts noten vaak als zand door zijn vingers liet glippen, is ingenomen door de Griekse dirigent Constantinos Carydis, die met het Nederlands Kamerorkest alle hoeken en gaten van de Figaro-partituur uitkamt op expressiemogelijkheden. Dat leidt af en toe tot een knetterend geluid, maar karakter heeft deze interpretatie wel. De kittige Danielle de Niese, die belangrijke rol van Susanna vertolkte, is er niet bij […] Haar opvolgster, Marie Arnet, heeft lang niet zo’n stoeipoezerige uitstraling, maar kan vocaal wel degelijk bekoren. De destijds teleurstellend vertolkte gravin komt ditmaal beter uit de verf, dankzij de expressieve en niet al te donkere stem van Duitse Michaela Kaune. En Cherubino is altijd hartveroverend, maar een zo overtuigend jongetje als Marina Comparato zie je toch niet vaak. Garry Magee en Luca Pisaroni zingen opnieuw de hoofdrollen van Figaro en Graaf Almaviva, Magee een tikje routineus, Pisaroni met volle inzet.’