De Nationale Opera presenteert

Les Troyens Hector Berlioz (1803-1869)

Deze productie was te zien in april 2010

Hector Berlioz
Les Troyens
Grand opéra en cinq actes
I. La prise de Troie
II. Les Troyens à Carthage
libretto van Hector Berlioz

Over de opera

Wereldpremière complete versie
6-7 december 1890
Karlsruhe 

Berlioz heeft zijn opus magnum weliswaar als twee onafhankelijke delen gestructureerd, maar wilde steeds dat het als één geheel zou worden beschouwd. Hij baseerde zijn tekst op Vergilius en liet zich wat de dramaturgische vormgeving betreft door Shakespeare inspireren. Qua omvang is de opera te vergelijken met de werken van Richard Wagner, maar ondanks de gigantische koorscènes spitst de eigenlijke handeling zich toe op niet meer dan drie personages: in het eerste deel waarschuwt de profetes Cassandra de Trojanen voor een hernieuwde aanval van de Grieken, maar er wordt geen acht geslagen op haar woorden. In het tweede deel schaart Aeneas, die uit Troje kon ontsnappen, zich aan de zijde van de Carthaagse konin gin Dido en wordt haar minnaar. De goden hebben echter andere plannen met hem. Aan het eind krijgt ook Dido profetische gaven en voorspelt zowel de ondergang van Carthago als de stichting van Rome.

Over deze productie

Reprise uit 2003/2004
Première 4 april 2010

In het kort

Eerste deel: La prise de Troie

I
Na een belegering van tien jaren hebben de Grieken Troje verlaten. Met verbazing zien de Trojanen dat er op het strand een reusachtig houten paard is achtergebleven. De helderziende dochter van Priam, Cassandre, waarschuwt voor onheil, maar door een vloek van Apollo wordt zij door niemand geloofd. Ook haar verloofde, Chorèbe, weigert zich in veiligheid te brengen.
De Trojanen vieren feest, maar de priester Laocoön waarschuwt dat het paard een list van de Grieken kan zijn. Hij en zijn zoons worden daarop door zeeslangen gewurgd. De Trojanen zien hierin een wraak van de godin Athene en slepen het paard de stad in.

II
Terwijl Énée ligt te slapen, draagt de geest van Hector hem op naar Italië te trekken en een nieuw rijk te stichten. Panthée en Chorèbe melden dat het paard inderdaad een list was: er zaten Griekse manschappen in verborgen, die het Griekse leger in de vesting hebben binnengelaten. Énée leidt de vlucht van de Trojanen. 
Cassandre meldt de dood van haar verloofde en de ondergang van de stad. Op de nadering van de Grieken plegen bijna alle vrouwen zelfmoord om de vijand niet levend in handen te vallen.

Tweede deel: Les Troyens à Carthage

III
De koningin van Carthago, Didon, wijst het huwelijksaanzoek van de Numidische koning Iarbas af, omdat de nagedachtenis aan haar gestorven man haar heilig is. Een groep vreemdelingen is gestrand en wordt gastvrij door Didon onthaald. Onder hen bevindt zich Énée. Dan komt het bericht dat de Numidiërs tot de aanval zijn overgegaan. Énée maakt zich bekend en biedt aan het Carthaagse leger aan te voeren. Na de overwinning op de Numidiërs komt Didon steeds meer onder de bekoring van Énée.

IV
Tijdens een jacht worden Didon en Énée door een storm overvallen; schuilend in een grot geven zij zich over aan hun liefde. Didon gaat geheel op in feesten en jagen met Énée, die zijn opdracht vergeten lijkt te zijn. Mercurius verschijnt om hem daaraan te herinneren.

V
De Trojanen zijn verontwaardigd over Énées plichtsverzuim. Hectors geest verschijnt andermaal, met de schimmen van Cassandre, Priam en Chorèbe om hem aan te sporen te vertrekken. Énée belooft dit, ondanks de smeekbeden van Didon. Hij besluit haar heimelijk te verlaten.
De volgende ochtend hoort Didon dat Énée weg is. Op het strand laat ze een brandstapel oprichten om alle herinneringen aan hem te verbranden. Zij bestijgt de brandstapel en doodt zich met Énées zwaard.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
John Nelson
Regie 
Pierre Audi
Decor 
George Tsypin
Kostuums 
Andrea Schmidt-Futterer
Licht 
Peter van Praet
Choreografie 
Amir Hosseinpour
Jonathan Lunn
Dramaturgie 
Klaus Bertisch
Orkest 
Nederlands Philharmonisch Orkest
Koor 
Koor van De Nederlandse Opera
Instudering koor 
Martin Wright
Énée 
Bryan Hymel
Chorèbe 
Jean-François Lapointe
Panthée 
Nicolas Testé
Narbal 
Alastair Miles
Iopas 
Greg Warren
Ascagne 
Valérie Gabail
Cassandre 
Eva-Maria Westbroek
Didon 
Yvonne Naef
Anna 
Charlotte Hellekant
Hélénus/Hylas 
Sébastien Droy
Priam 
Christian Tréguier
Un chef grec/1ère sentinelle 
Alexander Vassiliev
Un soldat 
Peter Arink
2ème sentinelle 
Patrick Schramm
L’ombre d’Hector/Le dieu Mercure 
Philippe Fourcade
Sinon 
Christopher Gillett
Polyxène 
Michaëla Karadjian
Hécube 
Danielle Bouthillon
Andromaque 
Jennifer Hanna
Hector/Iarbas 
Standish de Vries

Nederlands Philharmonisch Orkest

Het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest behoort als vaste orkestpartner van De Nationale Opera tot de beste Europese operaorkesten. Marc Albrecht is sinds 2011 chef-dirigent van het NedPhO|NKO en van De Nationale Opera. Hij leidde onder meer spraakmakende producties van Die Frau ohne Schatten, Schatzgräber, Elektra en Die Meistersinger. Het orkest boekte ook een groot succes met de integrale uitvoering van Der Ring des Nibelungen onder leiding van Hartmut Haenchen.

Het NedPhO|NKO presenteert zich nationaal en internationaal ook in een gevarieerde concertprogrammering. Thuiszaal is Het Koninklijk Concertgebouw. Het orkest verbindt artistieke excellentie met gastvrijheid voor een breed publiek en neemt verantwoordelijkheid voor de toekomst met omvangrijke programma’s voor educatie en talentontwikkeling. Klassieke muziek wordt zo bereikbaar voor iedereen.

    do 23 jan Frits van der Waa, De Volkskrant

    ‘De ietwat halfslachtige dramatische structuur wordt […] overeind gehouden door de vele charmes van de muziek. En –in het geval van de reeks heropvoeringen bij De Nederlandse Opera – door de magistrale regie van Pierre Audi uit 2003. Een schragend onderdeel daarin is het decor van George Tsypin, waarin drie reusachtige bewegende balken aanvankelijk in horizontale ligging de Trojaanse burcht symboliseren, vervolgens als staande zuilen de havenstad Carthago verbeelden, en bij de fuifnummers vrolijk meedeinen met de dansers. Intussen spelen dood en verderf de hoofdrol in het drama, dat met de deur in huis valt op het moment dat de strijd om Troje zijn catastrofale einde tegemoet gaat, als gevolg van de bekende list met het houten paard. De hoofdpersoon van die eerste helft is de koningsdochter Cassandra, wier profetieën altijd kloppen, maar door niemand worden geloofd. De rol wordt ditmaal vertolkt door sopraan Eva-Maria Westbroek, die leiding geeft aan een koor van zwarte weduwen dat aan het slot massaal harakiri pleegt. Het geweld is in die eerste helft niet van de lucht, en dat geldt ook voor de akoestische salvo’s die koor en orkest op het publiek afvuren. Gelukkig laten dirigent John Nelson, het Nederlands Philharmonisch Orkest en het operakoor in het Carthaagse gedeelte beduidend genuanceerder geluiden horen. Het bedwelmende liefdesduet tussen de Trojaan Aeneas en vorstin Dido, en de spookmuziek die de schimmen uit het dodenrijk vergezelt, horen tot de hoogtepunten. De omvangrijke cast heeft geen zwakke plekken. De tenor Bryan Hymel heeft als Aeneas niet al te veel te doen, maar waar het erom spant, schiet hij niet tekort. Dido en haar zus Anna worden opnieuw vertolkt door Yvonne Naef en Charlotte Hellekant, wier familieband wordt verstevigd door het lage, strakke mezzogeluid dat ze allebei neerzetten.’

    do 23 jan Peter van der Lint, Trouw

    ‘Waar begin je je verhaal over een grandioze enscenering als die van Hector Berlioz’ ‘Les Troyens’? De Nederlandse Opera hernam zondagavond de monumentale productie van Pierre Audi uit 2003 en toonde daarmee nogmaals de grootsheid ervan aan. Daar waar operaproducties vanwege hun zogenaamde actualisering tegenwoordig snel gedateerd raken, is Audi’s ‘Les Troyens’ na zeven jaar nog steeds een toonbeeld van gestileerde, fijnzinnige en bloedmooie tijdloosheid. […] Yvonne Naef en Bryan Hymel bedienden de componist (en daarmee ons) zondagavond prachtig op zijn wenken. En kom je meteen ook uit bij dirigent John Nelson en het Nederlands Philharmonisch Orkest, die de zangers hier in precieze en precieuze eendrachtigheid begeleidden. Zo mogelijk nog mooier realiseerde Nelson – terecht te boek staand als een Berlioz-specialist – het septet dat direct aan het duet vooraf gaat. De Amerikaanse dirigent ontlokte hier aan het NedPhO een klank die zich alleen als magisch laat omschrijven. Maar als je op deze manier je verslag begint, dan sla je al meteen de verrichtingen van het Koor van De Nederlandse Opera over. En met hen begint deze mammoettanker van een opera nog wel. Hun bijdragen stonden als een huis en waren vol van karakter. […] Audi voegde in zijn enscenering immense pijlers in het decor toe. Verschuifbare horizontale balken voor het eerste deel in Troje, en zwevende verticale in het tweede deel in Carthago. Deze mysterieuze en prachtig belichte pijlers (ontwerp van George Tsypin) geven de vijf akten structuur, verbinden de twee delen aan elkaar, en worden mooi functioneel gebruikt. Op één ervan komt de om Hector rouwende Andromaque (een stille rol) haar wanhopige schoonzus Cassandre tegen. Audi begrijpt dat je de fenomenale muziek hier niets in de weg moet leggen – simpele schoonheid, maximaal doel treffend. […] Sowieso is het verband tussen de twee delen met meesterhand tot stand gebracht. Berlioz schiep twee grote vrouwenrollen en naast Naef als Didon debuteert Eva-Maria Westbroek als Cassandre. Westbroeks lage c is al net zo spectaculair als haar hoge, en dat is hier mooi meegenomen. De wilde grilligheid van Cassandre’s muziek past Westbroek als een handschoen. Vergeleken bij de vrouwen is Aeneas haast een bijrol, maar Hymel grijpt die met grote allure. In de mooie cast onderscheiden zich verder Jean-François Lapointe (Chorèbe) en Charlotte Hellekant (Anna).’

    do 23 jan Eddie Vetter, De Telegraaf

    ‘De Trojanen zijn terug in het land. Zeven jaar geleden maakte de Nederlandse Opera het onmogelijke mogelijk door het kolossale tweeluik Les Troyens van Berlioz in een bijna zes uur durende voorstelling op het toneel te brengen. Nu herhaalt het gezelschap deze krachttoer met een grotendeels gewijzigde bezetting. Het resultaat is iets minder spannend dan destijds, maar enerverend genoeg voor een buitengewone belevenis in het Muziektheater. […] Pierre Audi heeft zijn enscenering in details wat bijgeschaafd. Hij combineert de statige allure van de ‘grand opéra’ met fijne nuances in zijn terughoudende personenregie. De twee delen worden één doordat aan het eind steeds een gevild paardenhoofd uit de toneelhemel daalt, als een beeld van het paard van Troje of als een komeet die met zijn inslag de aarde bloedrood kleurt. Zo geeft Audi de opera mythische proporties als een parabel over de vergankelijkheid van beschavingen en de vernietigende werking van oorlogen. […] In 2003 stond Edo de Waart voor het Radio Filharmonisch Orkest. Zijn opvolger John Nelson dirigeert globaler, met een aanvankelijk wat rommelig aandoend resultaat, maar het Nederlands Philharmonisch Orkest groeit in de loop van bijna zes uur steeds beter in de rol van ‘sprekend’ orkest. Van de oude bezetting is Yvonne Naef overgebleven in de onmenselijk zware rol van Dido. Haar stem klinkt eerder koninklijk dan verleidelijk en dringt als een scheermes door het massaal bezette orkest heen. Naast zich vindt zij nu Bryan Hymel als Aeneas, een heldentenor in de dop met een prachtig timbre in het hoogste octaaf. Nieuw is ook de Cassandre van Eva-Maria Westbroek, vertolkt met groot vertoon van dramatische kracht. De kleinere, maar vaak bijzonder veeleisende partijen zijn over het algemeen goed bezet, met als uitblinkers Jean-François Lapointe (Chorèbe), Alastair Miles (Narbal) en Christian Tréguier (Priamus). Een ware heldenrol vervult het danig versterkte Operakoor, imposant van begin tot eind, van half zes tot bijna half twaalf.’