De Nationale Opera presenteert

Turandot Giacomo Puccini (1858-1928) / Luciano Berio (1925-2003)

Deze productie was te zien in mei 2010

Turandot

Giacomo Puccini, Luciano Berio
Het laatste duet en de finale van de opera zijn voltooid door Luciano Berio in 2001.
Dramma lirico in tre atti e cinque quadri 
Libretto van Giuseppe Adami en Renato Simoni
Wereldpremière 26 april 1926, Teatro alla Scala, Milaan

 

Deze productie

Reprise uit 2001/02
Première 7 mei 2010

Over de opera

Puccini kende het van oorsprong Perzische sprookje over de ongenaakbare prinses die zich uiteindelijk toch aan de ware liefde gewonnen geeft, uit bewerkingen van Gozzi en Schiller. Voor de muziek verdiepte hij zich in de Chinese pentatoniek. De ijzige majesteit van Turandot wordt gecontrasteerd met de tedere lyriek van haar tegenspeelster Liù en de aan de commedia dell’arte ontleende humor van de drie ministers. Dit werk is van een grote muzikale rijkdom, waaraan men de ontstaansmoeilijkheden niet afziet. Het bleef onvoltooid, werd eerst door Franco Alfano gecompleteerd en in 2001 door Luciano Berio van een nieuwe finale voorzien, die vooral muzikaal een wat menselijker kant van de titelfiguur laat horen en zien.

Het verhaal

I
De mooie Chinese prinses Turandot wil haar hand alleen aan een prins schenken die drie moeilijke raadsels kan oplossen. Wie faalt, wordt onthoofd. Menigeen vond reeds de dood, en hun hoofden werden aan palen gespietst. Het nieuwste slachtoffer is de prins van Perzië. In de menigte die op zijn executie wacht, bevinden zich de onttroonde koning der Tataren Timur, zijn zoon Calaf en de slavin Liù, die verliefd is op Calaf. Calaf heeft alleen oog voor Turandot en is vastbesloten zijn kansen te wagen, hoewel Timur, Liù en de gemaskerde hovelingen Ping, Pang en Pong hem proberen te weerhouden. Ook het inmiddels afgehakte hoofd van de Perzische prins, dat aan het volk wordt getoond, schrikt hem niet af. Hij slaat op de gong om zich aan te melden. 

II
Ping, Pang en Pong beklagen de toestand van het rijk. De oude keizer verschijnt met acht wijzen, vervolgens Turandot. Calaf weet de antwoorden: ’hoop’, ’bloed’ en ’Turandot’. Turandot smeekt de keizer zijn woord terug te nemen, hetgeen deze weigert. Calaf geeft nu Turandot een raadsel op: als zij vóór het aanbreken van de morgen zijn naam weet, is zij vrij en is hij bereid te sterven. 

III
Turandot verordonneert dat het hele volk moet meewerken aan het ontdekken van de naam van de onbekende prins. Niemand mag gaan slapen. Soldaten brengen Timur en Liù op, want men heeft gezien dat zij met Calaf spraken. Liù zegt dat alleen zij de naam weet. Als zij wordt gefolterd, doorsteekt ze zichzelf. Turandot is hierdoor ontroerd, maar laat niets merken. Calaf nadert haar en kust haar. Zij bekent weliswaar dat ze hem liefheeft, maar vraagt hem te vertrekken. Calaf vertelt haar zelf zijn naam en afkomst. Daarop roept Turandot hem uit tot haar echtgenoot.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Yannick Nézet-Séguin
Regie 
Nikolaus Lehnhoff
Instudering regie 
Astrid van den Akker
Decor 
Raimund Bauer
Kostuums 
Andrea Schmidt-Futterer
Licht 
Duane Schuler
Choreografie 
Denni Sayers
Orkest 
Rotterdams Philharmonisch Orkest
Koor 
Koor van De Nederlandse Opera
Instudering koor 
Martin Wright
Kinderkoor 
Kinderkoor Muziekschool Waterland
o.l.v. Jan Maarten Koeman
La principessa Turandot 
Lisa Lindstrom
L’imperatore Altoum 
Jean-Léon Klostermann
Timur 
Mario Luperi
Il principe ignoto (Calaf) 
Lance Ryan
Liù 
Ana Maria Martinez
Ping 
Angelo Veccia
Pang 
Roberto Covatta
Pong 
Carlo Bosi
Un mandarino 
Roger Smeets

Rotterdams Phiharmonisch Orkest

Het orkest, dat tot de wereldtop behoort, onderscheidt zich door de intensiteit van zijn concerten, de kleurrijke klank en de gedurfde manier waarop het zijn publiek benadert. Het Rotterdams Philharmonisch werd opgericht in 1918.

    do 23 jan Bela Luttmer, De Volkskrant

    ‘Het gebeurt niet iedere dag dat een dirigent luider wordt toegejuicht dan de zangers die de hoofdrollen vertolken, zeker niet wanneer die uitstekend werk hebben geleverd. Yannick Nézet-Séguin, chef van het Rotterdams Philharmonisch Orkest, kan er sinds zijn eerste Amsterdamse Turandot over meepraten. […] Die aandacht wordt begrijpelijk wanneer je hem bezig ziet en, vooral, hoort. Nauwkeurig bewegend steekt hij in zijn zwarte T-shirt boven de orkestbak uit, terwijl hij met de musici van het RPhO de puls van Puccini’s muziek voelbaar maakt. […] Indrukwekkend is de regie van Nikolaus Lehnhoff, die al in 2002 te zien was bij De Nederlandse Opera. Lehnhoff voert de Chinese prinses Turandot op als een tot de tanden bewapend oorlogsschip. Haar menselijkheid verdwijnt onder een hoge hoofdtooi en een brede zwarte mantel. […] Lehnhoff heeft in Lindstrom een sopraan gevonden, die de wreedheid van haar rol kan omzetten in een soms ijzige, maar altijd op grootse manier beheerste klank. De bewegingen van de zangers heeft hij teruggebracht tot gestileerde gebaren, met af en toe een knipoog naar de commedia dell’ arte. […] Warmte moet komen van de slavin Liù (een prachtig doorleefde rol van Ana María Martínez), die zichzelf letterlijk offert om haar geliefde prins van de dood te redden. […] Met de finale van Berio maakt ook de regie een haarspeldbocht. Plotseling geeft Turandot zich gewonnen voor een vurig verliefde prins die de raadsels heeft opgelost en haar liefde mag opeisen. Aan de Amerikaanse tenor Lance Ryan (Calaf) ligt het niet. Hij is een magistrale tenor die Turandot met fiere toon en een onverschrokken houding geloofwaardig weet te ontdooien. Toch blijft het publiek in verwarring achter. Lehnhoffs strakke stilering lost op in een menselijkheid die past bij Berio maar breekt met zijn eigen regieconcept. Het ideale einde van Turandot is nog niet gevonden.’

    do 23 jan Anthony Fiumara, Trouw

    ‘In de herneming van de Lehnhoff-regie (die in totaal drie Puccini-opera’s regisseerde bij DNO) spelen in plaats van het Concertgebouworkest onder Chailly nu het Rotterdams Philharmonisch Orkest (RPhO) onder Yannick Nézet-Séguin. […] Nézet-Séguin oogstte vrijdag al bij opkomst een reusachtig applaus, maar ook op het moment dat hij de bok betrad voor iedere akte werd er luid gejuicht. Terecht, want het RPhO speelde Puccini intens, opgezweept door de breed gebarende dirigent. Geen detail ontging Nézet-Séguin en zelfs in de introverte Berio-muziek aan het eind wist hij de intensiteit vast te houden. In de tijdloze regie van Nikolaus Lehnhoff en het statisch-strenge decor van Raimund Bauer liet de krachtige Lise Lindstrom haar personage Turandot prachtig tussen koninklijk ongenaakbaar en menselijk twijfelen bewegen – haar stem leek bovendien met gemak boven het razende orkest uit te komen in de laatste acte. Een gaaf gezongen ‘Nessun dorma’ leverde Lance Ryan luide bravo’s op, en met sopraan Ana María Martínez kent deze herneming een aangrijpende Liù. Maar het luidste en langdurigste applaus ging uiteindelijk naar Yannick. “Wat een schat, he”, zag ik een koorlid tegen een ander zeggen nadat hij het koor uitgebreid had bedankt. Wat een feest.’

    do 23 jan Eddie Vetter, De Telegraaf

    ‘Opnieuw gonst het Muziektheater van de opwinding bij de spectaculaire beelden en de minstens even enerverende klanken. […] In deze imposante entourage is de regie van Nikolaus Lehnhoff een wonder van concentratie. Hij zit dicht op de huid van Puccini’s muziek, waarin de mysterieuze oosterse sfeer ingebed is in een stevig aangezette dramatiek. Jammer genoeg is het modernistische slot gehandhaafd dat Berio aan de onvoltooid gebleven opera heeft toegevoegd. Het grote liefdesduet vormt daarin een anticlimax en zelfs de regie raakt dan aan het eind stuurloos. […] Nu zit het Rotterdams Philharmonisch Orkest in de bak, met de kleine chef-dirigent Yannick Nézet-Séguin op een extra hoge verhoging. Hij valt meteen aan met een ongekende gretigheid. Typisch een jonge dirigent die zijn kruit te snel verschiet, denk je dan, vooral als koor en orkest in het hoge tempo even uit elkaar gaan lopen. Maar schijn bedriegt. De klank is warm en rijk gedifferentieerd, de spanning op de lange duur prachtig gedoseerd. Dit is een dirigent die de kunst van de vervoering verstaat. De zangersbezetting is zelfs sterker dan destijds. Lise Lindstrom (Turandot) heeft voor een dramatische sopraan weinig kracht in de laagte, maar dat compenseert ze met ruimschoots met trefzeker geplaatste tonen die zich als laserstralen door het zwaarbewapende orkest boren. Afgezien van een paar technische problemen (intonatie en legato) is Lance Ryan een bijna ideale Calaf, met een riante hoge b als een klaroenstoot aan het einde van Nessun dorma. De prachtig zingende Ana María Martínez is een aandoenlijke Liù, de boomlange Mario Luperi een imposant luide Timur en in de overige rollen valt vooral Angelo Veccia op als de aanvoerder van het onvermijdelijk clowneske trio Chinese ministers. Daarbij verkeert het Operakoor weer eens in topvorm. Al met al een geweldige voorstelling met spectaculaire toneelbeelden, een sterke bezetting en een formidabel orkest. Gaat dat zien en horen!’