De Nationale Opera presenteert

Der Schatzgräber Franz Schreker (1878-1934)

Deze productie was te zien in september 2012

Der Schatzgräber

Franz Schreker
Oper in einem Vorspiel, vier Aufzügen und einem Nachspiel
Libretto Franz Schreker
Wereldpremière 21 januari 1920, Oper Frankfurt, Frankfurt

 

Deze productie

Nieuwe productie
Première 1 september 2012

Over de opera

In zijn meest succesvolle opera vertelt Franz Schreker de geschiedenis van de hebzuchtige Els, die de man aan wie zij is uitgehuwelijkt laat vermoorden om de juwelen van de koningin in bezit te krijgen. Omdat deze alleen met behulp van muziek kunnen worden getraceerd, zou de minstreel Elis in staat zijn de moord te ontdekken. Els en Elis worden echter verliefd op elkaar. Hun liefdesnacht geldt als het muzikale hoogtepunt van dit werk en vertoont overeenkomsten met Wagners Tristan und Isolde. Wanneer Els als beraamster van de moord is ontmaskerd, wordt zij ter dood veroordeeld, maar de nar van de koning slaagt erin haar van de strop te redden. In het naspel zien we de stervende Els, voor wie haar geliefde zijn mooiste ballade zingt om haar dood te verlichten. Kunst en seksualiteit waren Schrekers grote thema’s, waarbij hij probeerde dramatische ontwikkelingen met muzikale middelen te motiveren. Zijn opera’s behoorden tot de meest gespeelde in de jaren ’20 en ’30 van de twintigste eeuw, totdat de nationaalsocialisten voortijdig een einde maakten aan Schrekers carrière.

‘De operaliteratuur is een werk rijker dat niet enkel als een groot publiekssucces kan worden geboekstaafd, maar dat tevens een bepalend stempel heeft gedrukt op het genre als geheel.’ - Paul Bekker

Het verhaal

Voorspel

De juwelen van de koningin zijn gestolen. Sindsdien voelt ze zich ziek en wil niet meer met de koning slapen. Als de hofnar uitkomst weet, mag hij zijn beloning uitkiezen: hij wil een vrouw. De rondtrekkende zanger Elis bezit een toverluit, waarmee verborgen schatten kunnen worden opgespoord. De koning laat naar hem zoeken.

I

Els, de dochter van een herbergier, is tegen haar zin uitgehuwelijkt aan een rijke jonker. Hem stuurt ze de dag voor hun bruiloft naar een heler in de stad om een gouden ketting te gaan halen: het laatste stuk uit het bezit van de koningin, want de rest heeft ze al in huis verborgen. Ze beveelt haar knecht Albi, die verliefd op haar is, de jonker op de terugweg te vermoorden, net als haar twee vorige vrijers. Tijdens een toost op de afwezige bruidegom komt Elis binnen, die een lied voor het feestende gezelschap zingt. Els is zeer onder zijn bekoring. Onderweg heeft Elis de ketting gevonden, die hij Els aanbiedt. Als het lijk van de jonker wordt ontdekt, reageert Els verheugd, want ze is nu vrij voor Elis. Deze wordt echter beschuldigd van de roofmoord.

II

Elis zal ter dood gebracht worden. Bij de executieplaats bevinden zich Els en de nar, die nog steeds op zoek is naar de zanger met de toverluit. Uit Els' woorden begrijpt de nar dat de veroordeelde de man is die hij moet hebben. Hij snelt weg naar de koning. Els raadt Elis aan tijd te winnen door het zingen van een afscheidslied. Hij verklaart haar zijn liefde. Op het laatste moment verhindert een koninklijke heraut de berechtstelling. Elis gaat met hem mee naar het hof. Morgen zal hij terugkeren naar Els. Om te voorkomen dat hij de juwelen bij haar aantreft, laat ze Albi zijn luit stelen.

III

Els en Elis brengen samen de nacht door. Hij is wanhopig omdat hij zonder de luit zijn opdracht niet kan uitvoeren. Zij belooft hem aan de schat te helpen op voorwaarde dat hij niet zal vragen hoe zij daaraan is gekomen. Els vertoont zich aan hem, behangen met alle juwelen van de koningin. Bij het ochtendgloren overhandigt zij Elis de schat.

IV

Het hof viert feest omdat de koningin haar sieraden en daarmee haar jeugd en schoonheid terug heeft. Men zet Elis onder druk om hem te laten vertellen hoe en waar hij de schat heeft gevonden. Hij wordt boos, beledigt de koningin en eist de juwelen terug. Dan komt de voogd melden dat Albi alles heeft bekend. Als bewijs geeft hij de luit terug aan Elis. Els wordt ter dood veroordeeld. Maar nu herinnert de nar de koning aan diens belofte en eist Els op als bruid. Zij neemt afscheid van Elis en volgt de nar. Naspel In de kluizenaarshut van de nar ligt Els op sterven. De nar heeft Elis laten halen, die haar laatste ogenblikken verlicht met een lied over een paradijselijk oord, waar iedereen volmaakt gelukkig is.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Marc Albrecht
Regie 
Ivo van Hove
Decor en licht 
Jan Versweyveld
Kostuums 
An D’Huys
Video 
Tal Yarden
Dramaturgie 
Janine Brogt
Klaus Bertisch
Orkest 
Nederlands Philharmonisch Orkest
Koor 
Koor van De Nederlandse Opera
Instudering koor 
Alan Woodbridge
Der König 
Tijl Faveyts
Die Königin 
Basja Chanowski
Der Kanzler/Der Schreiber 
Alasdair Elliott
Herold / Der Graf 
André Morsch
Der Magister/Der Schultheiss 
Kurt Gysen
Der Narr 
Graham Clark
Der Vogt 
Kay Stiefermann
Der Junker 
Mattijs van de Woerd
Elis 
Raymond Very
Der Wirt 
Andrew Greenan
Els 
Manuela Uhl
Albi 
Gordon Gietz
Ein Landsknecht 
Peter Arink
Erster Bürger 
Cato Fordham
Zweiter Bürger 
Richard Meijer
Mezzo Sopraan Solo 
Marieke Reuten
Alt Solo 
Inez Hafkamp
Alt Solo 
Hiroko Mogaki

Nederlands Philharmonisch Orkest

Het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest behoort als vaste orkestpartner van De Nationale Opera tot de beste Europese operaorkesten. Marc Albrecht is sinds 2011 chef-dirigent van het NedPhO|NKO en van De Nationale Opera. Hij leidde onder meer spraakmakende producties van Die Frau ohne Schatten, Schatzgräber, Elektra en Die Meistersinger. Het orkest boekte ook een groot succes met de integrale uitvoering van Der Ring des Nibelungen onder leiding van Hartmut Haenchen.

Het NedPhO|NKO presenteert zich nationaal en internationaal ook in een gevarieerde concertprogrammering. Thuiszaal is Het Koninklijk Concertgebouw. Het orkest verbindt artistieke excellentie met gastvrijheid voor een breed publiek en neemt verantwoordelijkheid voor de toekomst met omvangrijke programma’s voor educatie en talentontwikkeling. Klassieke muziek wordt zo bereikbaar voor iedereen.

MET STEUN VAN:

    ma 20 jan

    ma 20 jan Frederike Berntsen, Trouw (3 september 2012)

    ‘Manuela Uhl, die de rol van de verknipte Els vertolkt, heeft een zware partij waarin ze zich knap staande houdt: groot geluid, soms op het randje van loepzuiver. Een goed tegenwicht voor Raymond Very (Elis), met een prima, maar bleekneuzerige tenor. De nar, gezongen door Graham Clark, sneert daar lekker tussendoor. Voor de schout is bariton Kay Stiefermann aangetrokken – fraaie keuze – en de koning is in goede handen bij Tijl Faveyts. Ook het koor van DNO levert een voorbeeldige bijdrage. Conclusie? Een opera voor doorzetters, met muzikale verrassingen onder de slagvaardige baton van Albrecht: het NedPhO speelt het vuur uit de sloffen met een resultaat dat er wezen mag.’

    ma 20 jan Eddie Vetter, De Telegraaf (3 september 2012)

    ‘Alle lof voor de muzikale uitvoering. Het Nederlands Philharmonisch Orkest eist onder leiding van de chef-dirigent Marc Albrecht drie uur lang de hoofdrol voor zich op. Geweldig hoe hij de partituur het volle pond geeft en de zangers toch niet wegdrukt. Onder hen overtuigt Manuela Uhl in de buitengewoon zware rol van Els, ondanks problemen met de intonatie. Raymond Very (Elis) weert zich dapper in zijn grote maar ondankbare aandeel. Een vertrouwd geluid is dat van Graham Clark (Der Narr) met zijn karakteristieke, penetrante tenor. Goed bezet zijn ook de vele overige partijen en van hoog niveau de bijdrage van het Operakoor.’