De Nationale Opera presenteert

Der Ring des Nibelungen Richard Wagner (1813-1883)

Deze productie was te zien in januari 2014

DER RING DES NIBELUNGEN

DAS RHEINGOLD

Richard Wagner
Vorabend
Libretto van Richard Wagner
Wereldpremière 22 september 1869, Königliches Hof- und Nationaltheater, München

In de structuur en de toonsoortenkeuze van Das Rheingold weerspiegelt zich reeds de algehele opzet van de Ring-tetralogie. In deze ‘vooravond’ ontvouwen zich vier taferelen, waarin de personages nog tot strikt van elkaar gescheiden groepen behoren: goden, reuzen, dwergen en natuurwezens; echte mensen ontmoeten we pas later. Al meteen in het eerste tafereel wordt duidelijk waarom het hier gaat: liefde en macht. Op de bodem van de Rijn bewaken drie Rijndochters het goud, dat als er een ring uit wordt gesmeed, de drager hiervan almacht zal verlenen. De god Wotan weet de ring te bemachtigen, maar ook hij moet hem al snel weer afstaan. De vloek die op de ring rust, maakt zich kenbaar door de dood van de reus Fasolt, en ook de vreedzame wijze waarop de goden in de nieuwe burcht Walhalla hun intrek nemen, blijkt slechts schijn.

 

DIE WALKÜRE

Richard Wagner
Erster Tag
Libretto van Richard Wagner
Wereldpremière 26 juni 1870, Königliches Hof- und National-Theater, München

Met de eerste dag van zijn ‘Bühnenfestspiel’ maakt Wagner een reuzensprong van het haast allegorische voorspel Das Rheingold naar de daadwerkelijke handeling. Wotans ideaal van een betere wereld moet door de tweeling Siegmund en Sieglinde worden verwezenlijkt met hulp van zijn lievelingsdochter Brünnhilde. Toch zullen deze plannen mislukken. Weliswaar meent Brünnhilde in Wotans geest te handelen als zij Siegmund in zijn strijd tegen Hunding steunt, maar Wotan moet zich naar zijn echtgenote Fricka schikken, omdat hij het huwelijk heeft geschonden en zich zodoende in een voor zijn eigen dochter onbegrijpelijke positie bevindt. Juist hier treden de conflictpolen macht en liefde bijzonder duidelijk aan het licht, en in het tovervuur waarmee de derde akte besluit, kunnen we al een verwijzing zien naar het destructieve eind van de hele tetralogie, de ondergang van de wereld. In Die Walküre schreef Wagner voor de personages waarmee hij zich het meest kon identificeren ook zijn meest hartstochtelijke muziek.

 

SIEGFRIED

Richard Wagner
Zweiter Tag
Libretto van Richard Wagner
Wereldpremière 16 augustus 1876, Festspielhaus Bayreuth

Als men de 'Ring' beschouwt als een gigantische symfonie, dan neemt 'Siegfried' de plaats in van het scherzo. Met Siegfried maakt de langverbeide held van de toekomst zijn opwachting. Hij wordt opgevoed door Mime, Alberichs broer. Onbekommerd, want onwetend, leert Siegfried door eigen ervaring. Van zijn overleden moeder heeft hij de brokstukken van het zwaard geërfd dat zijn vader ooit in opperste nood uit de essenstam in Hundings woning trok. Tevergeefs tracht Mime dit voor hem aaneen te smeden. Alleen de intussen als ‘Wanderer’ ronddolende Wotan weet wie dit zal lukken: iemand die geen enkele vrees kent – Siegfried zelf is de enige die het kan. Maar pas door de ontmoeting met de eerste vrouw van zijn leven wordt Siegfrieds initiatie voltooid. In grote vervoering bekennen Siegfried en Brünnhilde in de derde akte elkaar hun liefde en ook de dreigende godenschemering kan hun innig samenzijn niet verstoren.

 

GÖTTERDÄMMERUNG

Richard Wagner
Dritter Tag
Libretto van Richard Wagner
Wereldpremière 17 augustus 1876, Bayreuther Festspielhaus

In een voorspel dat het voorafgaande recapituleert verklaren de drie noodlots-Nornen dat het einde van de wereld nabij is. Brünnhilde en Siegfried hebben hiervan echter niet het flauwste vermoeden. En beiden verspelen zij hun laatste kans zich van de vloek van de ring te bevrijden: Brünnhilde wordt door haar zuster Waltraute – tevergeefs – gesmeekt de ring aan de Rijndochters terug te geven; als Siegfried deze fabelwezens nogmaals ontmoet, herhalen zij deze bede – eveneens tevergeefs. Pas als Siegfried door Alberichs zoon Hagen wordt vermoord, beseft Brünnhilde hoezeer zij bedrogen is en de hele wereld van een potentieel geluk is beroofd. Zij werpt de ring terug in de Rijn en stort zich in een groot vuur, dat haar weer met haar dode held verenigen moet. Wagner sluit zijn gigantische tetralogie af met het bewustzijn van Schopenhauers nihilisme, maar ook met een muziek die de natuur een reinigende kracht toekent.

De voorstellingen

1e cyclus
DAS RHEINGOLD 29 januari 2014
DIE WALKÜRE 31 januari 2014
SIEGFRIED 2 februari 2014
GÖTTERDÄMMERUNG 5 februari 2014
  
2e cyclus
DAS RHEINGOLD 7 februari 2014
DIE WALKÜRE  9 februari 2014
SIEGFRIED 11 februari 2014
GÖTTERDÄMMERUNG 14 februari 2014

 

Das Rheingold
Reprise uit het seizoen 1997/98, 1998/99 + 2004/05, 2005/06 en 2012/13

Die Walküre
Reprise uit het seizoen 1997/98, 1998/99, 2003/04, 2005/06 en 2012/13

Siegfried
Reprise uit het seizoen 1997/98, 1998/99, 2004/05, 2005/06 en 2013/14

Götterdämmerung
Reprise uit het seizoen 1998/99 (2x), 2004/05, 2005/06 en 2013/14

Götterdämmerung productiefoto
Siegfried productiefoto
Die Walküre
Das Rheingold

Het verhaal

Das Rheingold

Diep in de Rijn ligt een grote goudschat, die wordt bewaakt door de drie Rijndochters. De dwerg Alberich kijkt vol begeerte naar de meisjes, die hem uitdagen en afwijzen. Als het zonlicht de schat doet flonkeren, zingende Rijndochters over de almacht die degene die een ring van het goud maakt zal verkrijgen. Maar dat kan alleen iemand zijn die de liefde afzweert. Woedend over de afwijzing vervloekt Alberich de liefde en rooft het Rijngoud.
De god Wotan heeft door de reuzen Fasolt en Fafner een burcht, Walhall, laten bouwen. De bedongen prijs was zijn schoonzuster Freia, godin van de eeuwige jeugd, maar Wotan wil onder die afspraak uit. Als de reuzen Freia komen opeisen en van geen andere beloning willen weten, moet de slimme vuurgod Loge met een oplossing komen. Hij stelt als prijs het Rijngoud voor, waar de twee bouwlieden mee instemmen. Als gijzelaar moet Freia echter met hen mee.
Wotan en Loge dalen af naar Nibelheim, waar Alberich een ring heeft gesmeed. Zijn broer Mime dwong hij een helm (de 'Tarnhelm') te maken waarmee de drager elke gewenste gedaante kan aannemen. Door een list weten de goden Alberich de schat met de ring en de Tarnhelm afhandig te maken.
De dwerg vervloekt de ring. Als losprijs voor Freia verlangen Fasolt en Fafner zoveel goud dat zij geheel aan het oog wordt onttrokken. Om het laatste gaatje in de stapel te dichten dwingen ze Wotan de ring af te staan. De vloek doet zich meteen gelden: Fasolt en Fafner strijden om het bezit van de ring, waarbij Fasolt door zijn broer wordt gedood. Wotan en de andere goden nemen hun intrek in Walhall, behalve Loge, die eigenlijk maar half goddelijk is. De Rijndochters beklagen hun verlies.

 

Die Walküre

I
Gevlucht na een verloren strijd vindt een man beschutting in Hundings huis. Diens vrouw verzorgt hem. Hunding keert huiswaarts, verlangt een maaltijd voor hemzelf en zijn ongenode gast, die hij naar afkomst en bezigheden vraagt. Dan wordt duidelijk dat zij in diezelfde strijd tegenstanders waren. Het gastrecht beschermt de vreemdeling voor de nacht; morgen zullen beide mannen vechten. ’s Nachts wijst Hundings vrouw haar gast op een zwaard dat een grijsaard op haar huwelijksdag achterliet voor een held. Zij voelt dat dit wapen voor deze man bestemd is. Zij vertelt hem haar geschiedenis, hij vraagt haar hem een naam te geven: Siegmund. Hij grijpt het zwaard, bevrijdt het. De vrouw vertelt hem wie zij is: Sieglinde. Als Siegmunds tweelingzuster én geliefde valt zij in zijn armen.

II
De god Wotan wil Siegmund – zijn buitenechtelijke zoon – in het tweegevecht helpen overwinnen. Zijn dochter, de Walküre Brünnhilde, zal Siegmund bijstaan. Maar Fricka, Wotans in haar eer gekrenkte echtgenote en beschermster van het huwelijk, doorziet dit plan. Niet Siegmund zal zegevieren, maar Hunding, zo eist zij. Wotan, verslagen, geeft Fricka zijn woord van eer. Brünnhilde probeert haar vader te troosten, die haar over zichzelf en Siegmund vertelt. Wotan moet de held die niet door Alberichs vloek belast is, en die voor hem de almacht schenkende ring had moeten bemachtigen, nu als hoopvoor de toekomst opgeven. Hij gebiedt Brünnhilde voor Hunding te kiezen. Brünnhilde kondigt Siegmund diens dood aan. Als hij de slapende Sieglinde wil doden, om niet zonder haar te zijn, houdt Brünnhilde hem tegen en zegt aan zijn zijde te staan. Hunding en Siegmund strijden. Brünnhilde spoort Siegmund aan, maar Wotan grijpt in. Siegmund sterft, Brünnhilde vlucht met Sieglinde, en Hundings leven wordt door Wotan aan Fricka’s eer geofferd. 

III
De Walküren verzamelen gevallen strijders voor Wotans leger. Brünnhilde zoekt samen met Sieglinde bij haar zusters bescherming voor Wotans toorn. Zij stuurt de zwangere Sieglinde naar Fafners woud. Als Wotan de Walküren dreigt, laten zij hun zuster in de steek. Hij komt om Brünnhilde te straffen, nu zij tegen zijn gebod handelde. Brünnhilde houdt hem voor dat zij niet tegen zijn wil heeft gehandeld, en vraagt om een milde straf. Verscheurd door woede en liefde legt hij haar te slapen in een ring van vuur. Alleen de man die Wotans speer niet vreest, zal dit vuur trotseren!

 

Siegfried


Aan het slot van ‘Die Walküre’ bleef Brünnhilde slapend achter, terwijl de zwangere Sieglinde naar het woud van Fafner was gevlucht. Sieglinde stierf vervolgens bij de geboorte van Siegfried. Deze is inmiddels een jonge, ferme knaap geworden. Mime voedde hem op, om hem te kunnen gebruiken bij het stelen van Fafners goudschat. Maar Mime is niet in staat Nothung, het door Wotans speer in stukken geslagen zwaard van Siegmund, aaneen te smeden. De Wanderer (Wotan) meldt Mime dat alleen hij die de angst niet kent, Nothung zal kunnen smeden. Mime beseft dat hij Siegfried nooit heeft geleerd wat angst is. 

II 
Bij Fafners hol waakt Alberich. De Wanderer waarschuwt hem voor Mime, die met Siegfried nadert om Fafner de goudschat te ontnemen. Fafner slaat Alberichs voorstel hem in ruil voor bescherming de ring te geven af. Alleen gelaten probeert Siegfried tevergeefs de zang van een vogel na te doen en blaast daarbij luid op zijn hoorn,wat Fafner wekt. In een gevecht doorsteekt Siegfried Fafners hart en proeft van diensbloed, waardoor hij de zang van de vogelkan verstaan. Hij ontneemt hem de ring en de Tarnhelm. Na Mime te hebben gedood,volgt hij de vogel naar de plaats waar Brünnhilde slaapt. 

III 
Nog eenmaal vraagt de Wanderer Erda om raad hoe het naderende einde van de goden te keren, maar zij kan hem niet helpen. Hij houdt Siegfried tegen in een poging de ring alsnog te bemachtigen, maar Siegfried slaat zijn speer in tweeën.Zonder angst trotseert Siegfried het vuur dat Brünnhilde beschermt, maar voordat hij haar wekt, ervaart hij voor het eerst wat angst is. Brünnhilde geeft zich aarzelend aan Siegfried over, die haar als zijn bruid opeist.

 

Götterdämmerung

Voorspel 
De drie Nornen vlechten het noodlotskoord en voorzien de ondergang van de goden. Als de draad breekt en zij de toekomst niet meer kunnen duiden, keren zij naar Erda, hun moeder, terug. Siegfried wil de wijde wereld in, neemt afscheid van Brünnhilde en geeft haar de ring, als onderpand van zijn liefde. 


Gunther, koning der Gibichungen, en zijn zuster Gutrune zijn beiden nog ongehuwd. Hagen, Alberichs zoon, raadt Gunther aan Brünnhilde te huwen. Siegfried is in aan-tocht en Hagen roept hem bij zich. Gutrune biedt Siegfried ter verwelkoming een ver-getensdrank aan. Als Gutrune, op wie hij direct verliefd raakt, zijn vrouw wil worden, is Siegfried bereid Brünnhilde voor Gunther te werven. Waltraute bericht Brünnhilde over de machteloosheid van Wotan en verlangt van haar zuster de ring om de ondergang der goden te keren. Brünnhilde weigert echter Siegfrieds liefdespand af te staan. Siegfried, die door middel van de Tarnhelm Gunthers gedaante heeft aangenomen, overmeestert de wanhopige Brünnhilde. 

II 
Alberich spoort Hagen aan Siegfrieds ringte bemachtigen. Hagen roept de Gibichun-gen bijeen om Gunther en zijn bruid te verwelkomen. Brünnhilde ontdekt Siegfried aan Gutrunes zijde, ziet de ring die ‘Gunther’ haar ontnam, nu aan Siegfrieds handen beschuldigt hem van verraad. Siegfried ontkent. Gunther, Hagen en Brünnhilde zweren wraak: Hagen zal Siegfried tijdens de jacht doden. 

III 
De Rijndochters beklagen het verlies van het goud en sporen Siegfried aan om hun de ring te geven, maar deze weigert. Siegfried verhaalt Gunther en Hagen over zijn avonturen. Hagen geeft hem een herinneringsdrank, en als Siegfried dan over Brünnhilde vertelt, stoot Hagen hem zijn speer in de rug. Siegfried sterft. Gunther vordert Siegfrieds ring, maar Hagen doodt hem. Brünnhilde geeft opdracht Siegfrieds lijk te verbranden, pakt de ring en stort zich in het vuur, dat ook Walhall in vlammen zet. De wereld brandt. De Rijn treedt buiten zijn oevers. Als Hagen de ring wil grijpen, sleuren de Rijndochters hem de diepte in en nemen de ring weer in hun bezit.

Team, Cast en Koor

Muzikale leiding 
Hartmut Haenchen
Regie 
Pierre Audi
Decor 
George Tsypin
Kostuums 
Eiko Ishioka
Robby Duiveman
Licht 
Wolfgang Göbbel
Cor van den Brink
Video 
Maarten van der Put
Dramaturgie 
Klaus Bertisch
Koor Götterdämmerung 
Koor van De Nationale Opera
Instudering koor 
Thomas Eitler
Eberhard Friedrich
Orkest 
Nederlands Philharmonisch Orkest
 
DAS RHEINGOLD
Wotan 
Thomas Johannes Mayer
Donner 
Vladimir Baykov
Froh 
Marcel Reijans
Loge 
Stefan Margita
Alberich 
Werner Van Mechelen
Mime 
Wolfgang Ablinger-Sperrhacke
Fasolt 
Stephen Milling
Fafner 
Jan-Hendrik Rootering
Fricka 
Doris Soffel
Freia 
Anna Gabler
Erda 
Marina Prudenskaja
Woglinde 
Machteld Baumans
Wellgunde 
Barbara Senator
Flosshilde 
Bettina Ranch
 
DIE WALKÜRE
Siegmund 
Christopher Ventris
Hunding 
Kurt Rydl
Wotan 
Thomas Johannes Mayer
Sieglinde 
Catherine Naglestad
Brünnhilde 
Catherine Foster
Fricka 
Doris Soffel
Gerhilde 
Marion Ammann
Ortlinde 
Martina Prins
Waltraute 
Lien Haegeman
Schwertleite 
Julia Faylenbogen
Helmwige 
Elaine McKrill
Siegrune 
Wilke te Brummelstroete
Grimgerde 
Helena Rasker
Rossweisse 
Cécile van de Sant
 
SIEGFRIED
Siegfried 
Stig Andersen /
Stephen Gould
Mime 
Wolfgang Ablinger-Sperrhacke
Der Wanderer 
Thomas Johannes Mayer
Alberich 
Werner van Mechelen
Fafner 
Jan-Hendrik Rootering
Erda 
Marina Prudenskaja
Brünnhilde 
Catherine Foster
Waldvogel 
Juls Serger /
Matthias Gude
 
GÖTTERDÄMMERUNG
Siegfried 
Stig Andersen /
Stephen Gould
Gunther 
Alejandro Marco-Buhrmester
Alberich 
Werner van Mechelen
Hagen 
Kurt Rydl
Brünnhilde 
Catherine Foster
Gutrune 
Astrid Weber
Waltraute 
Michaela Schuster
Erste Norn 
Nicole Piccolomini
Zweite Norn 
Barbara Senator
Dritte Norn  
Astrid Weber
Woglinde 
Machteld Baumans
Wellgunde 
Barbara Senator
Flosshilde 
Bettina Ranch

Nederlands Philharmonisch Orkest

Het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest behoort als vaste orkestpartner van De Nationale Opera tot de beste Europese operaorkesten. Marc Albrecht is sinds 2011 chef-dirigent van het NedPhO|NKO en van De Nationale Opera. Hij leidde onder meer spraakmakende producties van Die Frau ohne Schatten, Schatzgräber, Elektra en Die Meistersinger. Het orkest boekte ook een groot succes met de integrale uitvoering van Der Ring des Nibelungen onder leiding van Hartmut Haenchen.

Het NedPhO|NKO presenteert zich nationaal en internationaal ook in een gevarieerde concertprogrammering. Thuiszaal is Het Koninklijk Concertgebouw. Het orkest verbindt artistieke excellentie met gastvrijheid voor een breed publiek en neemt verantwoordelijkheid voor de toekomst met omvangrijke programma’s voor educatie en talentontwikkeling. Klassieke muziek wordt zo bereikbaar voor iedereen.

MET STEUN VAN: